Doe mee!

Verslag

Voorbereidingen voor de KiKaRoW 2005

Voordat de KiKaRoW richting Lowestoft, Engeland en weer terug voer is er heel veel voorbereid door heel veel vrijwilligers. De voorbereidingen hadden betrekking op het verzamelen en het organiseren van alle benodigde spullen en vaardigheden.

Haalbaarheidsstudie

De specialisten van de KNRM hadden ons overtuigd dat de tocht mogelijk was terwijl de belangrijkste roeiers in zeeroei-boten, Ton den Boon (Dortse), Peter Visser (Jason) en Adriaan van Vollenhoven (Muiden) ons aangaven dat de kans niet zo groot was dat we in twee weken tijd de kans zouden krijgen heen en weer te varen naar Lowestoft. Als windlimiet gaven zij 4 beaufort op. Als het even waait, is het op zee al een w4. We moesten gaan ontdekken waar onze grens lag wetende dat die afhankelijk is van materiaal en geoefendheid. Die we in het begin nog niet hadden. Via een veiligheidsnotitie werden middelen en moeilijkheden in kaart gebracht. Veel problemen konden daardoor worden opgelost. Meteo consult nam deel in het project met weersvoorspellingen op korte en lange termijn. Het weer werd beter voorspelbaar en gaf ons de mogelijkheid te gaan anticiperen op wat komen kon. Door het kiezen van een periode van twee weken waarbinnen iedereen binnen 12 uur beschikbaar moest zijn om te vertrekken was het verder wachten op geluk en redelijk weer.

Boot

De eerste oefeningen zijn gedaan met de Eersteling van de Koninklijke in Muiden. Deze Yole de Mer 32 (van Eurodiffusion) beviel ons redelijk en na een bezoek aan de haven van IJmuiden zelfs goed. We begrepen beter wat je nodig had op zee. We kozen voor hetzelfde beproefde Frans model, de Eurodiffusion. Deze boot wordt voor de kust van vele landen, en dus ook op de Noordzee, gebruikt in tochten en wedstrijden. Het nieuwste model, de Yole de Mer 35, was langer dan de Eersteling en dat was volgens mij een voordeel bij beter weer, maar moest wel op een aantal punten worden verbeterd om de boot geschikt te maken voor de lange oversteek. Eén en ander op advies van Van Vollenhoven en de mensen van de Fogo Isle (volg-/stationsschip). We monteerden een ander stuurmechanisme zodat de stuurvrouwen makkelijker en ook zonder handen konden sturen, ophijsogen om bij komende problemen de boot sneller uit het water te kunnen takelen, een hoge opbouw waar licht en radarreflector en vlag in gemonteerd konden worden en waarmee de electronische en optische zichtbaarheid werd verhoogd, een touw langs de hele zijkant waaraan de RIB zich kon vastgrijpen bij het wisselen, een inspectieluikje, opbergnetjes voor persoonlijke dingen die de roeiers meenamen een sleepoog op de boeg. De keus viel op conventionele roeibladen. Zeewater woelt en spoelt zodat water naderen niet zoveel betekenis meer heeft. Soms ben je blij als je al water pakt. Met kleinere bladen was de slagkracht op het blad van het zeewater kleiner.

Kleding

Van meerdere kanten werd KiKaRoW benaderd om roei-kleding af te nemen. Maria Jansma nam de taak op zich om één leverancier uit te zoeken en daarmee in zee te gaan. Truesport paste het beste in het plaatje. Een ingewikkelde vraag was: wat moet je op zee dragen. Volgens de KNRM een overlevingspak (bijna hebben we er een keer in geroeid om het te proberen). We probeerden Sip ervan te overtuigen dat dat niet soepel genoeg was en ook te warm. Roeiers moeten hun warmte kwijt kunnen. Volgens de zeeroeiers wordt er gewoon in roeikleding geroeid. Tenslotte kwamen we uit op het bekende trainingspak voor aan boord, een worstelpakje met korte pijpen, een roeibroek met lange pijpen en een ondershirt van Oslo. Maria ontwierp met Truus de roeikleding, legde het voor aan haar mederoeisters en verkreeg na enkele pogingen een lofvol resultaat. De meeste roeiers hadden waterschoenen aan in plaats van sportschoenen. Als vrije tijdskleding hadden we truien en overhemden van Arrow gekregen die veel op de foto’s van officiele gelegenheden te zien zijn. Het zijn heerlijke truien! Ook de KiKa-RoW pet (eigen verkoop product) werd vaak gedragen.

De stuurvrouwen hadden uiteraard eigen kleding nodig, Tijdens het sturen zit je stil en dat is op zee het ergste wat je kunt doen. Speciale zeilpakken met waterdichte (zeil-) laarzen hielden lijf en voeten droog. Voor eventuele noodgevallen hadden we nog kruikjes meegekregen die ze tijdens het sturen onder de kleding konden dragen. Die hebben we niet nodig gehad.

Medische voorbereiding

Zeeziekte kan je last van hebben. Tijdens de trainingen hadden we de meeste golven en zaten we op een heen en weer slingerende reddingsboot. Sommigen hadden er last van, de meeste mensen niet. Overigens wisten de mensen die last van zeeziekte hadden het meestal al van te voren. Er was iemand die verrast werd omdat hij de avond voor de training een feestje had gehad en teveel had gedronken. Maar met goed uitgerust zijn en een goede conditie hebben, rustig zijn en naar de open ruimte kijken wordt je minder snel zeeziek. In de zeeroeiboot is niemand overvallen door zeeziekte; op de reddingsboot wel.

De roeiers en stuurvrouwen zijn gekeurd door de Arbodienst Haarlem. Deze keuring bestond uit de bekende vragenlijst, een bloedonderzoek, een inspanningstest met cardiogram en een motiverend afscheid van de betrokken artsen. Het uiteindelijke oordeel voor onze mensen was: Geschikt voor een zeeroeitocht!

Frans Göbel was bereid om als arts mee te gaan tijdens de KiKaRoW en stelde in de v